De totstandkoming van lokale en regionale leesbevorderingsnetwerken.
Binnen Kunst van Lezen wordt gewerkt aan een landelijk dekkende voorziening van lokale en bovenlokale netwerken leesbevordering. De ontwikkeling van structurele leesbevorderingsnetwerken is een kernpunt van Kunst van Lezen. Het is de schil om de andere programmaonderdelen.
Doel van deze netwerken is het bijeenbrengen van relevante partijen op het terrein van leesbevordering en taalonderwijs met de bibliotheek als spil en aanvoerder van dit netwerk. De deelnemers aan het netwerk wisselen onderling kennis en ervaringen uit en ontwikkelen een gezamenlijke, integrale visie op de aanpak van leesbevordering in het onderwijs in brede zin. Lees meer hierover in het projectplan.
Bestaande netwerken in de praktijk
Kunst van Lezen heeft in samenwerking met de PSO’s van de eerder succesvol opgezette leesbevorderingnetwerken uit Groningen en Drenthe een speciaal vervaardigde brochure uitgegeven. Het plezier in lezen staat voorop.
In deze brochure wordt op praktische wijze uiteengezet hoe een succesvol uitvoerend leesbevorderingsnetwerk kan worden opgezet.
Deze brochure is complementair aan de brochure Overdrachtsmodel. Van leesbevorderingsnetwerken naar netwerken preventie laaggeletterdheid.
In deze brochure - tevens opgeleverd door de PSO's van Drenthe en Groningen - is een overdrachtsmodel beschreven, gericht op de leesbevorderingsnetwerken rond laaggeletterdheid.
Ook in Noord-Brabant zijn al goed functionerende netwerken actief. Twee netwerken zijn beschreven in het rapport Leesbevorderingsnetwerken in de praktijk en fungeren als onderlegger voor de huidige proeflocaties.
Proeflocaties in vier provincies
De drie PSO’s in Zeeland, Limburg en Noord-Brabant hebben in de zomer van 2009 binnen hun eigen provincies een inventarisatie gedaan van de aard en staat van al mogelijk bestaande netwerken. Hierdoor ontstond tevens een beeld van de regio’s en gemeenten waarin (nog) geen netwerken bestaan. Binnen elke provincie zijn vervolgens basisbibliotheken benaderd om zich aan te melden als proeflocatie voor een te ontwikkelen leesbevorderingsnetwerk.
Na selectie van de proeflocaties binnen deze provincies zijn projectplannen ontwikkeld / in ontwikkeling zodat elke proeflocatie in 2010 een start kan maken met de opzet van een of meerdere netwerken. Daarbij is het belangrijk dat dit niet alleen op uitvoerend niveau wordt ondernomen maar ook op strategisch en intern niveau. Inmiddels heeft ook Flevoland zich aangesloten omdat binnen deze provincie een vergelijkbaar traject werd opgestart. Lees meer hierover in het projectplan.
Netwerken in niveaus
Het is belangrijk dat iedere betrokkene een verantwoordelijkheid heeft op zijn of haar niveau. Dit betekent dat Kunst van Lezen uitgaat van drie afzonderlijke netwerken:
1. Een horizontaal strategisch netwerk
2. Een horizontaal uitvoerend netwerk
3. Een verticaal intern netwerk
Op het strategische niveau zorgt de directie c.q. het MT van een basisbibliotheek (bij voorkeur in afstemming met het provinciaal directeurenoverleg c.q. een PSO) dat er een strategisch netwerk wordt opgebouwd en onderhouden met de managementlaag van gemeente (waaronder de wethouder) en relevante maatschappelijke organisaties. Dit kan bijvoorbeeld als onderdeel van de Lokale Educatieve Agenda (LEA) of een ander gremium dat al dan niet door de bibliotheek is opgericht. Lees meer hierover in het projectplan.
Gewenst resultaat: landelijk overdraagbare modellen
In nauwe samenwerking met de PSO’s in Zeeland, Limburg, Noord-Brabant en Flevoland zal de opzet van leesbevorderingsnetwerken in 2010 moeten leiden tot diverse hanteerbare modellen die (los van personen) op structureel strategisch, beleidsmatige en praktisch niveau intern goed op elkaar zijn afgestemd. Lees meer hierover in het projectplan.
Monitoring
Om de voortgang van de ontwikkeling van de diverse netwerken leesbevordering in kaart te brengen, zal dit programmaonderdeel op systematische wijze gemonitord worden. De werkwijze en aanpak zal in overleg met het Ministerie van OCW bepaald worden. Onderwijsbureau Sardes heeft de monitoring verricht in de eerste fase en zal ook de vervolgmonitoring voor zijn rekening nemen.
Tijdpad
Najaar 2009: keuze van de proeflocaties. Per PSO is een provinciale coördinator aangewezen die tevens contactpersoon is voor de projectleiding van Kunst van Lezen.
December 2009: elke proeflocatie heeft een nulmeting uitgevoerd. Instrument hiervoor is een door Kunst van lezen ontwikkelde meetlat. De in de meetlat opgenomen criteria / succesfactoren zijn mede op basis van de werkwijze en ervaringen zoals beschreven in de brochure ‘Plezier in lezen staat voorop’.
December 2009 / januari 2010: de proeflocaties ontwikkelen een projectplan waarin ze hun eigen speerpunten kiezen met betrekking tot het op te starten leesbevorderingsnetwerk. Hierna wordt tot uitvoering overgegaan.
Juni 2010: een tweede meting vindt plaats waarna een landelijke tussenrapportage wordt opgesteld. Op basis hiervan worden diverse modellen beschreven die landelijk overdraagbaar zijn.
Oktober 2010: een derde meting vindt plaats, gevolgd door een eindrapportage. De afzonderlijke proeflocaties vervolgen de verdere ontwikkeling van de door hen geïnitieerde netwerken.
Kijk hier voor het volledige projectplan.